Het Schuttersbosch

Sporkenhout

Start
Actueel
Agenda
B.B.S. Algemeen
Buurtpreventie
Huis & Tuin
Links
Educatief
Gastenboek

Bereklauw ] [ Sporkenhout ] Heksenkruid ] Wegedoorn ] Cantharel ] Eikvaren ] Jeneverbes ]

 

Door Netty Selder

Foto’s: Joop Selder


Sporkenhout, vuilboom = Frangula Alnus

Familie: Wegendoornachtige = Rhamnaceae


  Deze mooie heester kan een lengte bereiken van een tot drie meter. Ze hoort tot dezelfde familie als de wegedoorn; maar daarover een volgende keer. ‘Frangula’ betekent ‘breekbaar’. In het Schuttersbosch bestaan er niet zo veel.

Twee mooie struiken groeien achter onze tuin in de bossage van het hofje in het Rendierveld.

Het sporkenhout, ook ‘vuilboom’ genoemd, heeft deze tweede naam te danken aan onder andere de bessen die heel laxerend zijn. Deze struiken die vooral voorkomen in het zuiden en oosten van ons land, groeien het beste op vochtige, zure heidegrond, in bossen en tussen struikgewas. Half in de schaduw, verder stelt ze weinig eisen aan de al of niet vruchtbare grond.

De takken zijn dun en lang en rechtopstaand. De gladde bast is donker bruin met witte stipjes, de zogenaamde lenticellen, ook wel ‘schorsporiën’ genoemd. De binnenkant van de bast is geel, als het gedroogd is wordt het bruin van kleur.

In de winter zijn de bomen kaal. In april komen de glanzende, vier tot zeven centimeter eivormige bladeren te voorschijn. De gaafrandige bladeren staan verspreidt aan de takken en hebben een mooie nervatuur.

  In mei komen uit de bladoksels hele kleine, kortgesteelde, onopvallende bloempjes. Ze staan in kleine trosjes, van ongeveer vijf stuks, bij elkaar. Ze zijn witachtig lichtgroen en tweeslachtig. ‘Tweeslachtig’ wil zeggen dat elk bloempje een stamper (vruchtbeginsel) en meeldraad heeft. De bloempjes worden druk bezocht door allerlei insecten, zoals vliegen, bijen, wespen en kevertjes, die de bloempjes bestuiven. Of de bloempjes bestuiven zichzelf, dat wil zeggen dat de stamper bestoven wordt door stuifmeel van hetzelfde bloempje.

Van eind mei tot september komen de kogelvormige vruchtjes; eerst groen en dan rood en worden in de herfst, als ze rijp zijn, glimmend blauwzwart.

Op de bladeren leeft de rups van de citroenvlinder, die daar haar eitjes legt. Het mannetje van de citroenvlinder is citroengeel met een roodachtig vlekje in het midden van zijn vleugels. Het vrouwtje is witachtig lichtgroen en wordt vaak aangezien als een koolwitje, alleen heeft ze paarsachtige antennes. In het voorjaar legt de citroenvlinder haar eitjes op de bladeren van de sporkenhoutstruik. Als de rupsen dan uitkomen doen ze zich tegoed aan de bladeren. Het blad, de bast en de  bessen zijn giftig! Als koeien van de struik eten, kan het de melkproductie remmen.

Deze struiken kunnen 80 jaar oud worden. Van de droge bast kan men thee maken tegen chronische verstopping, aambeien en kwalen van de lever en de gal. Het is een bekend laxeermiddel en er bestaat een tinctuur en extract als medicijn.

Het hout levert een uitstekende houtskool op.


U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze website verzenden aan schuttersbosch@dse.nl.
Copyright © 2002 Bewoners Belangenvereniging Schuttersbosch
Laatst bijgewerkt: 27 februari 2010