Het Schuttersbosch

Wegedoorn

Start
Actueel
Agenda
B.B.S. Algemeen
Buurtpreventie
Huis & Tuin
Links
Educatief
Gastenboek

Bereklauw ] Sporkenhout ] Heksenkruid ] [ Wegedoorn ] Cantharel ] Eikvaren ] Jeneverbes ]

 

Door Netty Selder

Foto’s: Joop Selder


Wegedoorn = Rhamnescatharticus = purgerend, afvoerend

Familie: Wegendoornachtige = Rhamnaceae


De wegedoorn behoort tot dezelfde familie als het sporkenhout. De wegedoorn is bladverliezend en meestal struikvormig, ze kunnen meer dan 100 jaar worden. De groei is héél langzaam, ze kunnen drie tot zes meter worden. Behalve veel licht houden ze van een vochtige en kalkrijke bodem, die niet voedselrijk hoeft te zijn. In het wild ziet men ze niet vaak. Ze worden meestal aangeplant in Zuid-Limburg en in het gebied van de grote rivieren; in de duinen, bos en struikgewas komen ze het meeste voor.

Oorspronkelijk komt de wegedoorn uit Europa en Siberië. De wegedoorn is meestal gedoornd, de grijze kale taken met kleine zwarte knoppen hebben aan het eind een spitse doorn. De bruinzwarte takken staan een beetje scheef over elkaar. De gladde donkerbruine stam is gekromd en de kroon is onregelmatig. Bij oude bomen zijn de stammen licht gegroefd en schilfert de schors in dwarsstroken af. De groene eivormige bladeren eindigen in een punt, de bladranden zijn fijngezaagd en zijn drie tot zes centimeter lang, aan de basis soms iets hartvormig.

In mei en juni komen de bleekgroene bloempjes tevoorschijn. Ze staan in okselstandige bundeltjes. De wegedoorn is éénhuizig; dat wil zeggen dat ze bloemen met uitsluitend mannelijke organen en bloemen met uitsluitend vrouwelijke organen voortbrengen. Beide dus aan dezelfde plant. De mannelijke bloempjes van de wegedoorn hebben vier meeldraden. De vrouwelijke bloempjes hebben een stamper. De stamper bestaat uit:

  • het vruchtbeginsel;

  • de stijl;

  • de stempel.

Deze bloempjes hebben een vierdelige stempel. De stempel is als regel kleverig, ze vangt de stuifmeelkorrels op, die afkomstig zijn uit de meeldraden van de mannelijke bloempjes. De bloempjes worden bezocht door bijen en zweefvliegen. In augustus tot oktober rijpen de bessen. Eerst zijn ze groen, bij rijpheid zwart. Er staan er vier of vijf bij elkaar. De besjes, zo groot als erwten, bevatten vier driekantige zaadjes die pas in het volgend jaar kiemen. De wegedoorn heeft weinig uitlopers aan de stam, ze vermeerdert zich door wortelopslag.

Toepassing

Vroeger werden de enigszins giftige bessen bij chronische verstopping als laxeermiddel gebruikt; in de vorm van stroop: Siripus Rhamnicantharticca of als gedroogde bessen (drie tot vier). Teveel roept vergiftigingsverschijnselen op. In de volksgeneeskunde is het bekend als urine-uitdrijvend en bloedzuiverend. Een medicijn uit de wortels gemaakt is wormverdrijvend. Voor natuurlijke verfstoffen worden de bast en de bessen gebruikt: onrijpe bessen voor gele kleur, rijpe bessen voor groene kleur, beiden in combinatie met bijtende aluin. Het fraaie hout met een glanzende bruinrode kern en het smal geelwit spint, is zeer gezocht voor draaiwerk. Spinthout is het nog jonge hout tussen de bast en het oudere kernhout, het is vaak zachter en lichter van kleur.


U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze website verzenden aan schuttersbosch@dse.nl.
Copyright © 2002 Bewoners Belangenvereniging Schuttersbosch
Laatst bijgewerkt: 27 februari 2010